Inloggen
Service & Contact Securex.be
Inloggen

Stopzetting van de opleidingsovereenkomst

De werkgever kan niet éénzijdig beslissen over de stopzetting van de opleidingsovereenkomst.

Laatst bijgewerkt op 13 februari 2026

Enkel de VDAB kan beslissen over de stopzetting van de individuele opleidingsovereenkomst. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer de stagiair langdurig ziek is en de re-integratie in de onderneming nadien teveel moeilijkheden met zich mee zou brengen of wanneer blijkt dat de stagiair niet geschikt is voor de te volgen opleiding.

Wanneer de werkgever of de stagiair een einde aan de overeenkomst wensen te maken, dienen zij hierover met de VDAB te overleggen. Wanneer de werkgever de opleiding zonder toestemming van de VDAB stopzet, kan de VDAB beslissen geen individuele beroepsopleidingen meer toe te staan gedurende een periode van 3 jaar, tenzij de werkgever de overeenkomst beëindigd heeft omwille van een dringende reden. Daarenboven zal de werkgever in dit geval een schadevergoeding verschuldigd zijn aan de stagiair (zie hieronder).

Vanaf 2026 zal het evenwel gemakkelijker zijn om een IBO vroegtijdig te beëindigen. Het is niet langer nodig om vaste motieven in te roepen. Een opzeg zal mogelijk zijn voor beide partijen tot 14 dagen na de start mits akkoord van de VDAB

Daarna is opzegging mogelijk op vraag van één van de partijen en op basis van een schriftelijke en gemotiveerde vraag tot beëindiging aan de VDAB. De VDAB zal hier eerst haar bemiddelingsrol vervullen. Deze bemiddeling wordt opgestart binnen de 3 dagen.  De vraag tot voortijdige beëindiging moet minstens 14 dagen vóór de einddatum van de IBO aan de VDAB worden bezorgd.

Bij een eenzijdige beëindiging van de IBO-overeenkomst door de werkgever zonder akkoord van de VDAB wordt in de nieuwe regelgeving bepaald dat de werkgever altijd een schadevergoeding zal moeten betalen aan de cursist. Deze is gelijk aan de som van alle IBO-premies voor het resterende gedeelte van de opleiding en het verschuldigd fictief loon van de IBO-werkgever voor de periode die overeenstemt met de duur van de opleidingen, inclusief onderbrekingen en verlengingen.

Voor de berekening hiervan wordt uitgegaan van een verderzetting van de IBO-premie zoals die gold op de dag waarop de IBO beëindigd werd.