- Wenst u de opzegtermijnen voor werknemers in dienst voor 1 januari 2014 te raadplegen, klik dan hier:
Opzegtermijnen voor bedienden in dienst voor 1 januari 2014
Opzegtermijnen voor arbeiders in dienst voor 1 januari 2014
Opzegtermijnen voor dienstboden in dienst voor 1 januari 2014
- Sinds 1 januari 2014 vangt de opzegtermijn aan op de maandag volgend op de week waarin de opzeg betekend werd.
- Sinds 1 januari 2014 wordt enkel nog de anciënniteit van de werknemer in aanmerking genomen om de opzegtermijn te bepalen. Voor arbeidsovereenkomsten waarvan de uitvoering aanvangt vanaf 1 juni 2026, wordt de door de werkgever na te leven opzeggingstermijn evenwel geplafonneerd op 52 weken wanneer de werknemer 17 jaar anciënniteit of meer heeft.
- Alle opzeggingen die voor 1 januari 2014 betekend werden, blijven hun gevolgen behouden.
Ontslag door de werkgever [1]
|
Anciënniteit |
Opzeg werkgever |
Anciënniteit |
Opzeg werkgever |
Anciënniteit |
Opzeg werkgever |
|
0 tot < 3 m |
1 week |
7 jaar |
24 weken |
22 jaar |
64 weken |
|
3 tot < 4 m |
3 weken |
8 jaar |
27 weken |
23 jaar |
65 weken |
|
4 tot < 5 m |
4 weken |
9 jaar |
30 weken |
24 jaar |
66 weken |
|
5 tot < 6 m |
5 weken |
10 jaar |
33 weken |
25 jaar |
67 weken |
|
6 tot < 9 m |
6 weken |
11 jaar |
36 weken |
26 jaar |
68 weken |
|
9 tot <12 m |
7 weken |
12 jaar |
39 weken |
27 jaar |
69 weken |
|
12 tot < 15 m |
8 weken |
13 jaar |
42 weken |
28 jaar |
70 weken |
|
15 tot < 18 m |
9 weken |
14 jaar |
45 weken |
29 jaar |
71 weken |
|
18 tot < 21 m |
10 weken |
15 jaar |
48 weken |
30 jaar |
72 weken |
|
21 tot < 24 m |
11 weken |
16 jaar |
51 weken |
31 jaar |
73 weken |
|
2 jaar |
12 weken |
17 jaar |
54 weken |
32 jaar |
74 weken |
|
3 jaar |
13 weken |
18 jaar |
57 weken |
33 jaar |
75 weken |
|
4 jaar |
15 weken |
19 jaar |
60 weken |
34 jaar |
76 weken |
|
5 jaar |
18 weken |
20 jaar |
62 weken |
35 jaar |
77 weken |
|
6 jaar |
21 weken |
21 jaar |
63 weken |
36 jaar |
78 weken |
Opmerking: Sinds 1 januari 2014 zijn enkel nog de bovenstaande opzegtermijnen van toepassing. Het is dus niet meer mogelijk om een verkorte opzegtermijn van 7 dagen in de arbeidsovereenkomst te voorzien.
Arbeidsovereenkomsten waarvan de uitvoering aanvangt vanaf 1 juni 2026
Sinds 1 juni 2026 geldt een bijzondere regel voor arbeidsovereenkomsten waarvan de uitvoering vanaf deze datum aanvangt.
Voor deze overeenkomsten wordt de door de werkgever na te leven opzeggingstermijn beperkt tot 52 weken wanneer de werknemer 17 jaar anciënniteit bereikt.
De opzeggingstermijn stijgt dus niet langer boven deze anciënniteit.
Deze beperking is niet van toepassing op arbeidsovereenkomsten waarvan de uitvoering is gestart vóór 1 juni 2026.
|
Anciënniteit
|
Opzeggingstermijn
|
| Minder dan 17 jaar |
Toepassing van de algemene tabel (zie hierboven)
|
| 17 jaar en meer |
52 weken
|
Voorbeeld
Een werknemer wordt aangeworven op 1 juli 2026.
Op 15 september 2046 beslist zijn werkgever om hem te ontslaan. Op het ogenblik dat de opzeggingstermijn aanvangt, heeft de werknemer meer dan 20 jaar anciënniteit.
Voor arbeidsovereenkomsten waarvan de uitvoering is gestart vóór 1 juni 2026 kan een werknemer met meer dan 20 jaar anciënniteit recht hebben op een opzeggingstermijn van 62 weken.
In dit voorbeeld is de arbeidsovereenkomst echter gestart na 1 juni 2026. De door de werkgever na te leven opzeggingstermijn is dus beperkt tot 52 weken, ondanks een anciënniteit van meer dan 20 jaar.
Arbeidsovereenkomsten waarvan de uitvoering aanvangt vanaf 1 augustus 2026
Voor arbeidsovereenkomsten waarvan de uitvoering, zoals tussen de partijen overeengekomen, aanvangt vanaf 1 augustus 2026, wordt de door de werkgever na te leven opzeggingstermijn gedurende de eerste 6 maanden van de arbeidsovereenkomst vastgelegd op 1 week.
Voor arbeidsovereenkomsten waarvan de uitvoering vóór 1 augustus 2026 is begonnen, blijven de vorige regels van toepassing.
Ontslag door de werknemer [2]
|
Anciënniteit |
Opzeg werknemer |
Anciënniteit |
Opzeg werknemer |
|
0 tot minder dan 3 maanden |
1 week |
2 tot minder dan 4 jaar |
6 weken |
|
3 tot minder dan 6 maanden |
2 weken |
4 tot minder dan 5 jaar |
7 weken |
|
6 tot minder dan 12 maanden |
3 weken |
5 tot minder dan 6 jaar |
9 weken |
|
12 tot minder dan 18 maanden |
4 weken |
6 tot minder dan 7 jaar |
10 weken |
|
18 tot minder dan 24 maanden |
5 weken |
7 tot minder dan 8 jaar |
12 weken |
|
|
|
8 jaar en meer |
13 weken |
Arbeidsovereenkomsten waarvan de uitvoering aanvangt vanaf 1 augustus 2026
Voor arbeidsovereenkomsten waarvan de uitvoering, zoals tussen de partijen overeengekomen, aanvangt vanaf 1 augustus 2026, wordt de door de werknemer na te leven opzeggingstermijn gedurende de eerste 6 maanden van de arbeidsovereenkomst vastgelegd op 1 week.
Voor arbeidsovereenkomsten waarvan de uitvoering vóór 1 augustus 2026 is begonnen, blijven de vorige regels van toepassing.
Tegenopzeg door de werknemer
|
Anciënniteit |
Opzeg werknemer |
|
0 tot minder dan 3 maand |
1 week |
|
3 tot minder dan 6 maand |
2 weken (*) |
|
6 tot minder dan 12 maand |
3 weken |
|
1 jaar en meer |
4 weken |
(*) Voor arbeidsovereenkomsten waarvan de uitvoering, zoals tussen de partijen overeengekomen, aanvangt vanaf 1 augustus 2026, wordt de opzeggingstermijn bij tegenopzeg gedurende de eerste 6 maanden van de arbeidsovereenkomst beperkt tot 1 week.
Rustpensioen
|
Arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd |
Opzegtermijn [3] na te leven door |
|
|
De werkgever |
De werknemer |
|
|
Einde van de overeenkomst op de wettelijke pensioenleeftijd (momenteel 65 jaar) |
Zie gewone opzegtermijnen met een maximum van 26 weken |
Zie gewone opzegtermijnen |
|
Beëindiging van de overeenkomst vóór de wettelijke pensioenleeftijd |
Zie gewone opzegtermijnen |
Zie gewone opzegtermijnen |
Afwezigheid om nieuw werk te zoeken [4]
|
Periode van de opzegtermijn |
Duur van het sollicitatieverlof |
|
Periode voorafgaand aan de laatste 26 weken van de opzegtermijn |
1 halve dag/week [5] |
|
Laatste 26 weken van de opzegtermijn of gedurende de hele opzegtermijn wanneer de werknemers outplacement geniet |
2 halve dagen/week (maximum 1 dag) [6] |
[1] Contracten van onbepaalde duur en eerste helft (maximum 6 maanden) van contracten van bepaalde duur.
[2] Contracten van onbepaalde duur en eerste helft (maximum 6 maanden) van contracten van bepaalde duur.
[3] Nieuw artikel 37/6 van de wet van 3 juli 1978. Deze termijnen zijn van toepassing voor elke beëindiging van een overeenkomst, zowel naar aanleiding van de pensionering als om een einde te maken aan een overeenkomst die werd gesloten in het kader van de toegelaten activiteiten van gepensioneerden.
[4] Nieuw artikel 41 van de wet van 3 juli 1978.
[5] Pro rata voor deeltijders.
[6] Pro rata voor deeltijders.