Inloggen
Service & Contact Securex.be
Inloggen

Verjaringstermijnen bij de fiscus

Hier vindt u de verjaringstermijnen bij de fiscus.

Laatst bijgewerkt op 6 maart 2026

Op fiscaal vlak moeten we een onderscheid maken tussen de aanslagtermijn en de verjaringstermijn.

De aanslagtermijn is de termijn waarbinnen de fiscus de belastingaanslag kan vestigen, wat gebeurt door de inkohiering ervan. Deze inkohiering moet dus binnen de aanslagtermijn gebeuren.

De verjaringstermijn daarentegen is de termijn waarbinnen de fiscus een gevestigde aanslag kan invorderen (betaling van de belasting eisen).

Bedrijfsvoorheffing

De bedrijfsvoorheffing is in principe betaalbaar binnen de vijftien dagen na het verstrijken van de maand waarin de inkomsten werden betaald of toegekend[1].

Wanneer de betaling niet binnen de termijn gebeurt, mag de bedrijfsvoorheffing gevestigd worden gedurende drie jaar (aanslagtermijn) vanaf 1 januari van het jaar waarnaar het aanslagjaar wordt genoemd waarvoor de belasting verschuldigd is[2]. De bedrijfsvoorheffing moet dus binnen deze aanslagtermijn in het kohier opgenomen worden. 

Directe belastingen

De fiscus heeft in principe een aanslagtermijn van 18 maanden, waarbinnen de directe belastingen (personenbelasting, vennootschapsbelasting, belasting niet-inwoners) in het kohier opgenomen moeten worden. Deze termijn begint op 1 januari van het aanslagjaar en eindigt op 30 juni van het jaar dat volgt op dat waarnaar het aanslagjaar wordt genoemd. Het aanslagjaar is het jaar waarin u uw belastingaangifte indient: 2026 is bijvoorbeeld het aanslagjaar waarin u uw aangifteformulier invult voor uw inkomsten van 2025.

De normale verjaringstermijn bij tijdige (maar onvolledige of onjuiste) aangifte bedraagt 3 jaar[2].

Wanneer de belastingplichtige zijn aangifte niet of laattijdig doet of bij een complexe aangifte, heeft de fiscus vier jaar de tijd om de aanslag te vestigen[3] en deze termijn begint te lopen vanaf 1 januari van het jaar waarnaar het aanslagjaar wordt genoemd waarvoor de belasting verschuldigd is[4].

De belastingen moeten vervolgens betaald worden binnen de twee maanden na toezending van het aanslagbiljet (de belastingafrekening die u van de overheid ontvangt).

Om de verschillende controle- en aanslagtermijnen te verduidelijken, publiceerde de fiscale administratie haar circulaire 2026/C/1 van 2 januari 2026, waarin de toepasselijke termijnen vanaf aanslagjaar 2023 schematisch worden weergegeven.

[1] Artikel 412, lid 2 WIB. In afwijking hiervan is de bedrijfsvoorheffing betaalbaar binnen 15 dagen na het verstrijken van elk trimester wanneer de bedrijfsvoorheffing op de inkomsten van het vorige jaar minder bedroeg dan het niet-geïndexeerde grensbedrag van 25.000 EUR (art. 412, lid 3 WIB 92).

[2] Artikel 354 § 1 en 2 WIB. In geval van fraude wordt deze termijn met 4 jaar verlengd.

[3] Artikel 354 § 1 en 2 WIB. In geval van fraude wordt deze termijn met 4 jaar verlengd.

[4] Wanneer voor de toepassing van de vennootschapsbelasting en van de belasting van niet-inwoners de belastingplichtige anders dan per kalenderjaar boekhoudt, wordt de termijn van drie jaar verlengd met eenzelfde tijdperk als dat welke is verlopen tussen 1 januari van het jaar waarnaar het aanslagjaar wordt genoemd en de datum van afsluiting van het boekjaar in de loop van hetzelfde jaar (artikel 354 § 4 WIB).