Het basisbedrag van de belastingvrije som is gelijk aan 11 180 euro[1].
Als het belastbaar inkomen het bedrag van de belastingvrije som niet overschrijdt, dan zal geen belasting verschuldigd zijn. Een student die maximum 11 180 euro belastbaar inkomen heeft, zal dus geen belastingen moeten betalen.
Wordt dit bedrag wel overschreden, dan worden belastingen berekend volgens een progressief tarief van 25 tot 50%.
Het netto belastbaar jaarbedrag is gelijk aan het bruto belastbaar jaarbedrag verminderd met de forfaitaire beroepskosten of met de reële beroepskosten die de belastingplichtige kan rechtvaardigen. De forfaitaire beroepskosten worden volgens een specifieke tabel berekend en zijn beperkt tot 6070 euro[2] per jaar. Zo schommelt het percentage van de toegelaten kosten voor loontrekkende werknemers tussen 3% en 25%, afhankelijk van de hoogte van hun inkomsten.
[1] Artikel 131 van het WIB92. Bedrag op 1 januari 2026.
[2] Artikel 51 van het WIB92. Bedrag op 1 januari 2026.